Claude Marinower 12 november 2019

Onthullen gedenkplaat in Le Grand Veneur (Keerbergen)

Op 11 november 2019, Wapenstilstand, onthulde Schepen Claude Marinower een gedenkplaat in Le Grand Veneur (Keerbergen). Le Grand Veneur is een voormalig hotel dat tijdens de Tweede Wereldoorlog een tijdlang dienstdeed als commandocentrum van Antwerpen X, een geheime militaire operatie. Die moest de Duitse aanvallen met V1-bommen op Antwerpen afweren.

Schepen Marinower gaf ook een speech die hieronder integraal te lezen is.

“Beste Burgemeester, leden van het Schepencollege en de gemeenteraad
Dames en heren
Dear guests from the United States

Begin september sprak ik in Antwerpen op de opening van de Bevrijdingsfeesten. Die stonden dit jaar in het teken van zowel het gevoel van vreugde als verdriet dat heerste.

Langs de ene kant was er de euforie van de bevrijding. We kennen allemaal de uitzinnige beelden van geallieerde tanks die Europese steden binnenreden. Met mensen die buiten op straat stonden te wuiven en te juichen.

Maar aan de andere kant was er ook een enorm verdriet. 

Toen Antwerpen werd bevrijd in september 1944, zaten heel wat Belgen nog gevangen, waren ze ondergedoken of op de vlucht. Veel mensen wisten ook niet of hun moeder of vader, man of vrouw, broer of zus nog leefden.

Antwerpen had met zijn haven een belangrijke strategische positie. Voor de verdere geallieerde opmars naar Duitsland, moest er militair materiaal ingevoerd kunnen worden. Voor Duitsland was het heroveren van de haven daarom van grote betekenis. Het was ook één van de hoofddoelen van het Duitse Ardennenoffensief. Tegelijk bestookten hun V-bommen Antwerpen en de omliggende gemeenten.   

Hier in Le Grand Veneur leidde men een tijd de geheime operatie ‘Antwerpen X’ die deze luchtaanvallen moest afwenden.  In totaal heeft de operatie 2183 V1-bommen kunnen neerhalen en onderscheppen. Het leed dat hiermee werd uitgespaard, het aantal gewonden en doden dat men hiermee heeft vermeden, is niet te tellen. 

40% van de V1-bommen konden wel Antwerpen bereiken. Na de V1 kwam de V2, een raket die de geallieerden niet uit de lucht konden schieten. De tol van al het geweld was zwaar. De negen maanden na de bevrijding waren één grote tijd van angst en onzekerheid.

Toen de oorlog in mei 1945 eindigde, begon voor velen pas de rouw. Wie de kampen overleefde of als krijgsgevangen terugkwam, arriveerde in een stad waar misschien wel zijn hele familie voorgoed was verdwenen. Sommigen waren lichamelijk voor de rest van hun leven getekend. Anderen hadden littekens op hun ziel en die gaan eveneens nooit weg.

Wie het leven had gelaten in de concentratiekampen, liet geen enkel spoor na. Het leven van die mensen werd voorgoed uitgewist. Mijn vader schreef in 1952 over zijn zus die samen met haar twee kinderen in Auschwitz omkwam:

“… Rosa… Zij is niet meer. Zij was een kleine moeder, zoals zovele andere,  met een groot hart en een diepe anonieme liefde, die slechts leefde voor haar kinderen.  Zij  droomde van een wereld die niets anders zou zijn dan één hele grote wieg.

In de schemering van een zomeravond van 1942, zijn moordenaars binnengedrongen in het huis waar zij deze moederliefde verschuilde. Zij hebben haar en de kinderen op vrachtwagens geladen, om ze, zoals de lammetjes waarvan de profeet spreekt, naar de slachtbank te voeren.

Toen haar mooie gouden haren in Auschwitz begonnen te smeulen, was zij nog geen 28 jaar. Toen de kleine mond van haar zoon Nathan Aron zich in een laatste levenspoging verwrong was hij net drie jaar oud. Sindsdien wordt hun as, bij gebreke aan grafstenen door de Oosterwinden verspreid.”    

Daarom is herinneren zo belangrijk. Omdat we op die manier het bestaan eren dat men probeerde te vernietigen. Doordat we hun herinnering in leven houden, mislukken de daders in hun opzet.

In Antwerpen hebben we om die reden de Stolpersteine, Struikelstenen toegelaten. Het zijn kleine koperen tegels die in het voetpad worden verwerkt. In die stoeptegels staan de naam, geboortedatum, informatie over deportatie en in welk kamp men is omgekomen. Maar we plannen ook een nieuw monument-memoriaal aan de Schelde met de namen van alle slachtoffers: burgerlijke slachtoffers van nazigeweld, burgerlijke slachtoffers van militair geweld, militaire slachtoffers en slachtoffers van de Holocaust.

Dames en heren

Mijn vader zat zelf in de kampen. Eerst in 1942, in het Franse Pithiviers, waar hij ontsnapte. Tot hij in 1944 opnieuw werd gearresteerd. Toen werd hij overgebracht naar Kazerne Dossin en van daaruit  naar Auschwitz en Bergen Belsen gedeporteerd. Mijn vader behoorde tot de zeldzame 5% die levend terugkwam.

That my father eventually survived three camps, of which two were concentration camps, wasn’t because he was extraordinarily healthy or strong. He was just extremely lucky, although it is not appropriate to use this word.

But it wasn’t bad luck that caused the terrible fate of the European Jews and other minorities. It was the deliberate action by a fascist regime to criminalize them, to dehumanize them, to murder them.
To make them disappear from the face of the earth so the Jewish race would go extinct.

That’s why I am worried about the rising racism, anti-Semitism, intolerance and polarization in Europe. About how we sometimes talk to and about each other. Politicians using words that rather divide people than unite them.

How they use fear to gain power and influence.

Allow me to refer to a quote by a former American president:

“(…)All of us have to send a clarion call
and behave with the values of tolerance and diversity
that should be the hallmark of our democracy.
We should soundly reject language
coming out of the mouths of any of our leaders
that feeds a climate of fear and hatred
or normalizes racist sentiments.” End of quote.

That is why I think that we must be very careful in regards to extremist parties.

We should not normalize them in any circumstance or treat them as our partners.
They don’t want a free democracy.
They don’t want to accept and treat all people as equals.
We should not adopt their language of fear.
We must instead talk about hope.

Elke herdenkingsplechtigheid die we houden, gaat over die hoop. Het gaat over het menselijk vermogen om het kwade te bestrijden met het goede.

Ieder van ons heeft die kracht in zich.
Het is de jonge Amerikaan, die zich destijds als vrijwilliger aanmeldde bij het geallieerde leger.
Het is de ambtenaar die mensen hielp redden door valse identiteitspapieren en rantsoeneringsbonnen uit te delen.
Het is de Belgische familie die een Joods kind bij hen liet onderduiken.

Zij tonen ons: iedereen heeft altijd een keuze om zich te gedragen als democratisch burger.
Om op te staan tegen onrecht. Om een Mens te zijn.

Vandaag hebben we genoeg kennis om de momenten te herkennen waarop we naar voren moeten komen. Om onze stem te laten horen.  Om even moedig te zijn als de helden die we eren. Om ook in actie te treden.

Wie naar de Canvas-serie Kinderen van het Verzet kijkt, aanhoort de ontroerende verhalen van dappere verzetsstrijders. Hoe zij met gevaar voor eigen leven, maar gesterkt door hun eigen overtuigingen, de bezetting wilden beëindigen. De prijs die zij en hun gezin daarvoor betaalden was soms zwaar. Verschillende kinderen van verzetsstrijders vertellen geëmotioneerd hoe zij hun vader of moeder, soms beiden, zagen meegenomen worden door de bezetter. Om hen daarna nooit meer terug te zien.

Eén van de geïnterviewde kinderen krijgt op lezingen over het verzet op scholen  soms de vraag of zij niet kwaad is op haar vader. “Een vraag die ze mij dikwijls stellen…Ik was de eerste keer verwonderd. Is of ik niet kwaad ben op mijn papa. ‘Door bij het verzet te gaan is hij gestorven en heeft hij jullie verlaten.’ En ik zei: ‘Nee ik ben niet kwaad. Ik vind dat hij het juiste heeft gedaan.’”

Het is mooi om te zien hoe ieder van die kinderen rechtop voor de camera zit. Door de tranen heen zijn ze fier en trots op de daden van hun vaders en moeders. Omdat ze deden wat ze moesten doen. Diezelfde dochter die ik zonet citeerde sloot nog af met de woorden:  “Het verzet was zeer nuttig en noodzakelijk. Alleen al voor het moreel van de mensen. Het idee om de zaken niet zomaar te laten gebeuren. Het zelfrespect van een bevolking.”

Dames en heren

De verzetsstrijders, soldaten, burgers en diegenen die hier vanuit Le Grand Veneur de operatie Antwerpen X leidden, verdienen ons respect. Zij hebben gedaan wat ze moesten doen. Het is nu aan u, ons en de volgende generaties. Wij moeten bewijzen dat we in staat zijn om onze democratische samenleving op het rechte pad te houden. De herinnering aan de slachtoffers, soldaten en de oorlogsjaren wijst ons de weg. Daarom heb ik ook veel respect voor de inzet van de mensen van de oudstrijdersbond die hier aanwezig zijn.

Ladies and gentlemen

When Antwerp was liberated, bells were ringing all over town.
It was the sound of liberty.

We have the obligation to keep those bells ringing.

So liberty will never be silent again.

Ik dank u.”