Opinie 9 juni 2016

Voorrang voor kansarme kinderen in scholen werk niet

Afgelopen vrijdag nam stad Antwerpen de beslissing om een online aanmeldsysteem te ontwikkelen voor het eerste jaar van het secundair onderwijs. Daarmee wordt ze de eerste stad in Vlaanderen die met zo’n systeem aan de slag gaat. 

Antwerpen heeft te maken met uitdagingen die acuter zijn dan in de rest van Vlaanderen. Ten eerste is er de nataliteitsgolf die reeds sinds 2009-2010 het basisonderwijs overspoelt, en die nu doorschuift naar het secundair onderwijs. In september komen er volgens de capaciteitsmonitor netto bijna 600 extra leerlingen bij in het secundair onderwijs. Voor het schooljaar  2017-2018 is de groei nog sterker met 750 en het jaar daarna zelfs 900. Ten tweede heeft Antwerpen te maken met wachtrijen die in sommige scholen zijn uitgemond in heftige kampeertoestanden voor én achter de schoolpoort.

Inmiddels werkt Vlaanderen al meer dan een jaar aan een  nieuw inschrijvingsdecreet dat een nieuw kader zou moeten brengen. Antwerpen kan hierop niet blijven wachten en zal daarom dus, op vraag van het decretaal bevoegde Lokaal Overlegplatform, de ontwikkeling van een aanmeldsysteem ondersteunen.

In Antwerpen willen we garanderen dat de schaarse plaatsen zo eerlijk mogelijk verdeeld worden. De criteria voor de verdeling zullen in eerste instantie ‘voorkeur’ en in tweede orde ‘toeval’ zijn. In de praktijk zullen de meeste ouders hun kinderen in de school van hun eerste voorkeur(en) kunnen inschrijven. Dat heeft de ervaring van het basisonderwijs ons geleerd. Scholen doen vrijwillig mee aan dit aanmeldsysteem. Antwerpen heeft immers geen mogelijkheid om scholen te verplichten, mochten we dat willen. Dat is een Vlaamse bevoegdheid. Wij verwachten wel dat een grote meerderheid van de scholen zal aansluiten.

Veel ouders en schooldirecties zijn voor. Maar we moeten ook erkennen dat er tegenstanders zijn. En dat is begrijpelijk. Voor scholen brengt zo’n systeem planlast met zich mee. Voor ouders die hun kind niet hebben kunnen inschrijven en op een wachtlijst van een of meerdere scholen belanden, is het soms moeilijk te begrijpen of te aanvaarden waarom hun kind geweigerd werd. Dat ligt deels aan het systeem van ‘dubbele contingentering’,  het systeem dat door de vorige minister van onderwijs werd ingevoerd om segregatie in scholen tegen te gaan. Het verdeelt kinderen in ‘kansarm’ en ‘kansrijk’. Een sociale mix is een nobel doel. Ook dit stadsbestuur vecht tegen segregatie. Maar recent bleek dat dubbele contingentering een bijna verwaarloosbare impact heeft op de sociale mix.

Eigenlijk was de oefening vrij eenvoudig. Onze IT-specialisten hebben  de identieke aanmeldgegevens van de laatste aanmeldperiode (februari 2016) maar dan zonder de labels ‘kansarm/kansrijk’ door de rangordemotor (ROM) laten lopen, en gekeken in welke mate de resultaten afwijken van de effectieve aanmelding. Er werd geen noemenswaardig verschil vastgesteld. Als proef op de som werden daarna ook de aanmeldgegevens van 2015 door de ROM gehaald. Opnieuw werd een gelijkaardig resultaat vastgesteld.

Eigenlijk hoeft dat niet te verbazen. Enkel nieuwe kinderen kunnen impact hebben op de wijziging van een schoolpopulatie. Dat zijn dus de instromers, m.a.w. de instappertjes in de laagste klas van de basisschool. Van het totaal aangemelde kinderen in 2015 (10634) zijn er 6297 instappers. In Antwerpen bestaat die groep voor  47% uit broertjes of zusjes die in de voorrangsperiode worden ingeschreven.  Met andere worden, dubbele contingentering heeft nog slechts impact op een groep van 3455 kinderen of 53%. Van deze groep waren er 2064 ‘niet-indicator’ kinderen. Daarvan kregen 317 kinderen een plek in een andere voorkeursschool dan mét dubbele contingentering. Dat is amper 3% van het totaal aantal aangemelde kinderen. Een zeer klein effect dus. Bovendien is het niet zo dat deze 317 op een plaats terechtkwamen die de sociale mix negatief beïnvloedde.

Kortom: het Antwerps stadsbestuur heeft, parallel aan de beslissing om een aanmeldsysteem voor secundair te ontwikkelen, aan onderwijsminister Crevits expliciet de vraag gesteld om dubbele contingentering niet te verplichten in een nieuw inschrijvingsdecreet. En in afwachting van dat nieuwe decreet vraagt de stad om reeds volgend jaar te mogen afwijken door het niet toe te passen voor het CAR secundair. Overigens worden we daarin door het LOP gesteund.

De oppositie schreeuwt moord en brand. Maar vandaag toont  Antwerpen aan  dat dubbele contingentering  overbodig is. Sommigen zullen vragen waarom er dan toch een evolutie is vast te stellen naar meer sociale mix in onze scholen.  De reden daarvoor ligt ons inziens in het hebben van een aanmeldsysteem an sich.

Wat we vandaag zeker weten is dat dubbele contingentering wél bijdraagt tot frustratie bij ouders en schoolteams, voor wie het een ondoorgrondelijk kluwen is. Dat  ondergraaft  het draagvlak voor een CAR, dat net broodnodig is in een stad als Antwerpen. Wij willen de dreigende segregatie aanpakken. Maar dan niet in woorden of met lege instrumenten. Daarom deze oproep: maak van dubbele contingentering geen fetisj, dat helpt de gemeenschappelijke strijd voor scholen die onze samenleving weerspiegelen helemaal niet vooruit.